Tijdens de 7 jaar dat ik nu in Amsterdam woon heb ik in 3 verschillende wijken gewoond: West, Zuid en Oost. In alle drie de stadsdelen had ik een duidelijk missie: de beste roti vinden. Ik denk dat ik al doende in een stuk of 40 Surinaamse, indische, javaanse, hindoestaanse toko’s ben geweest (of een combinatie daarvan). Dat is goed nieuws voor jullie, want dan hoeven jullie je niet meer door de bergen rommel die er tussen zit te werken!

Maar eerst even terug naar de basis: roti. Het lekkerste eten dat er is. Van origine is roti hindoestaans en uit India meeverhuisd naar Suriname. Dit betekent dat je dus nooit een roti rund zal kunnen bestellen, omdat de koe voor Hindoe’s een heilig dier is. Goede roti wordt altijd geserveerd met kouseband en aardappel en naar keus kip, eend of schaap (op de kaart vaak aangeduid als ‘lam’). Tip van de auteur: altijd gewoon de roti kipkluifjes bestellen, zo hoort ‘ie. Vegetarische roti is niet aan te bevelen, omdat je dan vaak ook de specerijen mist die met het vlees worden meegekookt.

De ‘roti’ is eigenlijk alleen de pannenkoek die je erbij krijgt. Deze pannekoek is gemaakt van gele spiterwten, in tegenstelling tot de hardnekkige geruchten dat er maïs in zit. Mensen die deze geruchten verspreiden zouden met een blok cement aan hun been in de Nieuwe Meer gegooid moeten worden. Het is overigens enorm moeilijk om zo’n roti (pannenkoek) te maken. Het duurt lang en vereist finesse; de reden dat zelfs hooggeplaatste roti-tenten de roti’s extern inkopen, bij onder andere Afoe Sensie op het Gerard Douplein.

In Suriname is het gerecht tot zijn geurige en kleurige bloei gekomen, om vervolgens volledig in te burgeren in de Nederlandse samenleving. Bijkomend voordeel van het roti-aandeel in de Nederlandse schijf van vijf is dat je het met je handen mag eten. Gerrit Zalm at tot zijn 18e nooit met mes en vork, maar helaas is eten zonder bestek inmiddels niet bon ton meer. Zeer onterecht! Met je handen eten geeft geeft een extra dimensie en is bij roti een absolute must.

Of het dan nog een beetje smaakt hangt er natuurlijk vanaf waar je de roti gaat kopen. Zoals gezegd is de roti van hindoestaanse komaf dus dat is een kenmerk om op te letten; als er bij het chinees-indische afhaalcentrum een roti op de kaart prijkt onder de Babi Pangang Shanghai Speciaal moet je die dus nooit bestellen. Als je dan toch bij de Surinamer aanbelandt, let dan op of het Javaans-surinaamse gerechten (saoto soep, kleefrijst) of hindoestaans-surinaamse gerechten (Bara’s, alles met Massala) op de kaart heeft.

MIJN TOP 3 IN AMSTERDAM

Op nummer 3: Tjin’s toko op de Eerste van der Helststraat 64. Neigt een beetje naar de Javaanse kant van de Surinaamse keuken, maar de Roti is niet te versmaden. Met name de kip is lekker mals, en de roti (pannenkoek) is among the best in town.

Door naar nummer 2: Roopram Roti, met een vestiging op de van Woustraat 37 en Eerste van Swindenstraat 4. Dit is een restaurantketen uit Suriname die in Paramaribo zelfs een heuse Roti Drive-through hebben. Geweldige roti zowel in Suriname en in Amsterdam: het vlees is mals, de kouseband vers en de aardappel wordt naar Surinaamse gewoonte als purree geserveerd. Hier vind je de roti doks (eend) ook standaard op het menu in tegenstelling tot veel andere tenten.

Op nummer 1: Meos Colloseum op de Lootstraat 5. Absolute topper met een rijkgevulde roti en Surinaamse gezelligheid. Helaas is de roti niet altijd op voorraad dus je moet geluk hebben, of van tevoren even bellen. Doe jezelf dus een plezier: vermijd de kartonnen rommel van de Chin. Ind. Rest. afhaalschuur om de hoek, en rijd de volgende keer gewoon een blokje om voor een goede roti!